|
|
|
Verslag Bhutan-Sikkim
oktober 2003 Wie eenmaal de charme
van de Boeddhistische streken in de Himalaya heeft ervaren, wil ernaar terug.
Een van ons was in 2000 in Nepal en Tibet geweest en de ander wilde graag de
mooie verhalen met de werkelijkheid vergelijken. We hebben een zeer gevarieerde
route gekozen die voor ons beiden naar nieuwe gebieden leidde. Pacifictravel
www.pacifictravel.nl
heeft deze reis geheel naar onze wensen en verwachtingen georganiseerd. De reis
liep gesmeerd; het transport en de permits waren altijd tot onze beschikking en
we hebben ruimschoots waar voor ons geld gekregen. Calcutta
De eerste
bestemming was Calcutta, een warme en vieze stad met 16 miljoen inwoners. Niet
echt een toeristische bestemming; de Lonely Planet wijdt er maar enkele
pagina’s aan, maar zeer indrukwekkend. Wat het bezoek aan Calcutta voor ons zo
bijzonder maakte waren onze gastheer en -vrouw, een Brits/Nederlands echtpaar
dat 16 jaar geleden het weeshuis Future Hope heeft gesticht. Er zijn nu 5 huizen
met meer dan 200 kinderen die opvoeding, zorg en onderwijs genieten, en niet het
minste: 4 jongens hebben het gebracht tot Engelse universiteiten en het
rugbyteam van het weeshuis wint alle plaatselijke jeugdtoernooien. We hadden het
voorrecht hier te worden rondgeleid en ook mee de sloppenwijken aan de rivier te
bezoeken waar de wezen worden gevonden.
Bhutan Na de drukte en hitte van Calcutta, maar ook vergeleken met het jachtige
en egocentrische leven in Nederland, was Bhutan een oase van rust, natuur en
aangename mensen. Bhutan, ten noorden van
Bangladesh, is een koninkrijk ter grootte van Zwitserland, maar afgezien van
bergen houdt daar de vergelijking wat ons betreft toch op. We maakten een
vijfdaagse geheel verzorgde rondrit, langs dorpen en kloosters, door diepe dalen
en over hoge passen. Het is prijzig om in Bhutan te zijn, $ 200 per persoon per
dag en nog toeslag als je niet met een groep reist. Maar daarvoor krijg je wel
een gids, auto met chauffeur, aardig te eten en goede hotels. Het toerisme wordt
door de kosten gereguleerd en is daardoor beperkt, wat voor een verwende
reiziger wel prettig is. Mensen We hadden onze
reis zo gepland dat we twee festivals met dansen van monniken in kloosters
hebben bezocht, zeer indrukwekkend. Maar het meest bijzondere vonden we de
mensen zelf. De bevolking is tevreden en trots op de Boeddhistische cultuur,
zonder anderen te minachten, meer op basis van gelijkwaardigheid. Iedereen vanaf
10 jaar spreekt Engels en toont zijn oprechte interesse. We hebben speciaal
genoten van de dag waarop wij zelf de traditionele kledij droegen en echt
opgingen in de menigte bij het Tsechu-festival. Sikkim
Om de Himalaya zelf te
ervaren moet je er een trek maken, en daar hadden we na 10 dagen steden en
autoritten (want om van Bhutan in Gangtok en van daar in Sikkim te komen moet je
twee dagen rijden door prachtig, afwisselend landschap) ook wel veel zin in.
Sikkim, gelegen tussen Nepal en Bhutan, was tot 1974 een koninkrijk en hoort nu
bij India. Hier zijn twee vaste treks, waarvan de 10-daagse wandeling naar de
Goche La, de pas ten zuidoosten van de Kanchenjunga, de meest bekende is. Niet
dat het er druk is; begin oktober, in het vermeende hoogseizoen, liepen we met
slechts 8 Europese en een paar groepen Indiase toeristen tegelijk. Wij kregen
voor ons tweeën een team van 6 mensen (gids, kok en dragers) en 3 dzo’s
(kruising tussen koe en yak) mee. De voor hen meegebrachte Unox-mutsen
versterken de teamspirit en helpen goed tegen de kou. De
trek
We begonnen in
Yuksom, de voormalige hoofdstad in het zuidwesten van Sikkim, op 1.750 meter. De
eerste dag bracht meteen een stevige dagtocht van 7 uur naar 3.000 meter. De
overige dagen was het veel makkelijker met tochten van 3 tot 4 uur. Dat maakt de
rest van de dag lang, maar is voor het acclimatiseren ter voorkoming van
hoogteziekte wel het beste. Andere groepen die het in 8 dagen dachten te doen
hebben de pas op 5.000 meter niet gehaald. Tijdens de dagen stijgen werd het
steeds mooier weer; we beleefden het einde van de moesson. De vegetatie
veranderde voortdurend, van weelderige jungle tot kale vlaktes met daartussen
veel, heel veel rododendrons. Die bloeien, net als de orchideeën, in mei,
helaas niet toen wij er waren, maar wij hadden in oktober weer het voordeel van
heldere luchten. Kanchenjunga
In Gangtok hadden
we er al een glimp van gezien, ’s ochtends vroeg uit het hotel Superview, maar
tijdens de trek kwam hij steeds dichterbij: de Kanchenjunga, de 2-na-hoogste
berg ter wereld, met 8.598 meter slechts 13 meter lager dan de K2. Vanaf Dzongri
Top (4.400 meter) zagen we een schitterende zonsopgang, waarvoor we wel om 04.00
uur op moesten staan bij -5 graden. Maar het ontbijt, terug bij de tent, gemaakt
door onze keukenploeg, met eitjes en papadums, smaakte des te beter. Ook de
dagtocht naar het verste punt begon in het donker. We stegen de laatste 100
meter bij zonsopgang door sneeuw en bereikten uiteindelijk het doel van deze
reis: de Goche La, recht onder de Kanchenjunga. Dichterbij kan je wandelend niet
komen! En wat een uitzicht, met de wapperende gebedsvlaggetjes die de pas
markeren. Al tijdens de terugweg werd onze prestatie beloond door een drager die
een kopje thee omhoog brengt. In drie dagen liepen we, met een ommetje langs een
zeer eenzaam heilig meer, terug naar Yuksom. Vele
ervaringen rijker De trek eindigde
weer in Yuksom, en vanaf daar reden we per jeep terug naar de bewoonde wereld.
We bezochten het klooster Pemayangtse, dat we minder bijzonder vonden dan de
kloosters in Bhutan maar je mag er tenminste altijd in. We kwamen uit in
Darjeeling, een ‘hill station’ van de Engelsen maar inmiddels typisch
Indiaas. Fraai zijn de alom aanwezige theeplantages, waar de blaadjes met de
hand worden geplukt, soms op hellingen van 60 graden. Een laatste autorit bracht
ons weer in het echte vlakke land en we vlogen vanaf Siliguri terug naar
Calcutta en twee dagen later naar huis. Geheel gezond en beladen met indrukken
van drieënhalve week cultuur, postuur en natuur komen we thuis. We genoten van
een zorgeloze, actieve vakantie die zeer, zeer de moeite waard was. Maaike van Slooten
en Bastiaan Vinkenburg, oktober 2003 |
|